In deze kerkwiki worden veel woorden, gebruiken en voorwerpen uit de rooms-katholieke kerk nader uitgelegd. Veel woorden en namen van gebruiken en voorwerpen hebben een Griekse, Hebreeuwse of Latijnse achtergrond, dit omdat het rooms-katholieke geloof in de Romeinse tijd ontstaan is, voortkomend uit het Jodendom.
In deze kerkwiki kan een woord, gebruik of voorwerp worden opgezocht via de eerste letter van het woord of van de naam van het gebruik of voorwerp. Klik op deze letter in onderstaande index en er verschijnt een opsomming van alle termen, beginnende met deze letter, die in de kerkwiki voorkomen. Klik vervolgens op de juiste term in deze opsomming en de toelichting verschijnt.
In de toelichting wordt vaak verwezen naar andere termen. Deze zijn groen van kleur en door erop te klikken wordt de toelichting op die term gevonden. Ook worden er afbeeldingen gebruikt ter illustratie op de gegeven toelichtingen. U kunt ook gebruik maken van de generieke zoekfunctie van deze website.
(met dank aan Tonn de Jong voor de initiële samenstelling van deze kerkwiki)
Aanbidding | Absoute | Acoliet | Advent | Adventskrans | Albe | Allerheiligen | Allerzielen | Alpha | Altaar | Ambo | Antifoon | Apostel | Askruisje | Aswoensdag | Terug naar de index
Aanbidding
Wanneer het Heilig Sacrament centraal staat in een gebedsviering spreken we van Aanbidding (Witte Donderdag). Aanbidding is een manier om onze liefde te tonen voor de aanwezigheid van Christus in de eucharistie. We kunnen Hem vergeving vragen, Hem beschouwen of Bijbelse en christelijke meditaties houden.
terug
Absoute
De absoute is het afsluitend ritueel in de uitvaartliturgie: de lijkbaar wordt besprenkeld met wijwater en bewierookt, onder het uitspreken van begeleidende gebeden.
terug
Acoliet
Acoliet komt van het Griekse woord “akoloutho”, dat “volgen” betekent. Het is een ander woord voor misdienaar. Vroeger was het de laatste kleine wijding van de priester in opleiding. Nu is een acoliet een in de kerk aangesteld persoon, die de pastores helpt bij een viering. Hij/zij zorgt voor wierook, helpt bij het klaarmaken van het altaar voor de eucharistie, biedt wijn en water aan, haalt de ciborie, enzovoorts.
terug
Advent
Advent komt van het Latijnse woord “adventus”, dat “komst” betekent. Met het woord advent wordt de tijd bedoeld waarin we ons op kerstmis voorbereiden. In de adventstijd vallen vier zondagen. Op de eerste zondag van de advent begint een nieuw kerkelijk jaar.
terug
Adventskrans
Een adventskrans is een ronde krans met dennengroen en vier kaarsen, die tijdens de advent wordt opgehangen of neergezet. De ronde vorm is een teken van eeuwigheid (zonder begin en einde) en het groen duidt op verwachting. Op alle vier de zondagen van de advent wordt telkens één kaars meer aangestoken op de krans.
terug
Albe
Het woord “albe” komt van de Latijnse woorden “alba vestis”, die “wit gewaad” betekenen. Het is een lang, wit misgewaad, gedragen door katholieke priesters, diakens en misdienaars.
terug
Allerheiligen
Het hoogfeest van Allerheiligen werd in de Middeleeuwen vastgesteld op 1 november, het begin van de winterperiode, als tegenhanger van het paasfeest. Met Pasen denken we aan Jezus, die uit de dood is opgestaan: de verrijzenis. Op 1 november (Allerheiligen) en 2 november (Allerzielen) eren we alle andere mensen die ons in de dood zijn voorgegaan en voor eeuwig leven bij God, of ze nu heilig verklaard zijn of niet. Het zijn feesten waarop de kerk omziet naar alle mensen die in de hemel wonen.
terug
Allerzielen
Allerzielen is de dag (2 november) waarop de kerk alle overleden gelovigen gedenkt, daags ná Allerheiligen (1 november). Deze dagen aan het begin van de winter, staan symbolisch tegenover het Paasfeest, dat in het voorjaar wordt gevierd.
terug
Alpha
Alpha is de eerste letter van het Griekse alfabet. In combinatie met omega (de laatste letter) verwijst alpha naar God, die “het begin en het einde” is (Openbaring 21, 6). De letters alpha en omega staan altijd weergegeven op de paaskaars, symbool van Christus.
terug
Altaar
Altaar komt van de Latijnse woorden “alta ara”, die “hoge offertafel” betekenen. Het is meestal een stenen of houten tafel waar een altaarsteen in past. Op het altaar wordt eucharistie gevierd. In de oudste kerken werd het altaar altijd boven het graf van een martelaar gebouwd (bijvoorbeeld de Sint Pieter in Rome, boven het graf van Petrus). Later werd bepaald dat een altaar ook relikwieën mag bevatten.
terug
Ambo
Een Ambo is de lezenaar waar vanaf tijdens de Dienst van het woord de lezingen uit de Bijbel worden voorgelezen of gezongen, en vanwaar ook wordt gepreekt.
terug
Antifoon
Antifoon is het Latijnse woord voor “beurtzang” (ook wel “keervers”, “refrein” of “voorzang” genoemd). Dit gezang leidt een psalm in, wordt eventueel tussen de verzen maar in ieder geval aan het eind de psalm weer herhaald.
terug
Apostel
Apostel is het Griekse woord voor “afgezant”. Zo werden de twaalf leerlingen die Jezus had uitgekozen en opdracht had gegeven om zijn leer te verkondigen genoemd.
terug
Askruisje
De as voor het askruisje wordt gemaakt van verbrande palmtakjes van het vorige jaar. Deze as wordt in de viering op aswoensdag gezegend. De palmtakjes van jubel en vreugde (Palmzondag) moeten verbrand worden. Ze gaan als het ware door de dood heen, om teken te worden van het kruis, de dood en de verrijzenis.
terug
Aswoensdag
Aswoensdag is het begin van de christelijke veertigdagentijd. Op die dag kun je een askruisje op het voorhoofd krijgen, als een teken van boete om de vastenperiode bewust mee te beleven als voorbereiding op Pasen. Aswoensdag is één van de twee verplichte vasten- en onthoudingsdagen. De tweede vastendag is Goede Vrijdag, aan het eind van de veertigdagentijd. Op beide dagen wordt van volwassen gelovigen verwacht dat zij maar één volle maaltijd gebruiken.
terug